Mijn moeder heeft mij zojuist opgehaald bij de peuterspeelzaal. Het is al meteen weer tijd om Pim uit school te halen. Mijn moeder duwt de kinderwagen met Bas erin voor zich uit. Ik zit op haar schouders heen en weer te dansen. Mijn juf heeft mij een leuk liedje geleerd. Het heet ” In de maneschijn.” Met een heel klein stemmetje zing ik het. Mijn moeder zingt echter luidkeels mee. Wat erger is; ze zingt zo vals als een kraai. Ik schaam me diep. Daarom smeek ik haar: ” zacht, mama, zacht.”