Na de zomer

Als klein mannetje van 3 heb ik een droom; ik wil naar school. Op dat moment bezoek ik twee maal per week de peuterspeelzaal. Ik vind het niet bepaald tof daar. Huilend hang ik tegen het raam als mijn moeder naar huis vertrekt. Pim zit intussen al een tijdje op de grote school. Daar wil ik ook graag zijn. Ik ben klaar met liedjes zingen, puzzeltjes maken en in de bouwhoek spelen. Vlak voor mijn vierde verjaardag krijg ik slecht nieuws; ik ben pas na de zomer welkom op school.

Dolenthousiast ga ik die eerste paar maanden naar school. Mijn juffen A. en M. zijn alleraardigst. Samen met mijn klasgenootjes zing ik liedjes, maak puzzels en speel in de bouwhoek. Ik kan het goed met hen vinden. Elke dag kies ik een ander kind uit om mee te spelen. Bij hem of haar thuis wel te verstaan. Ik ben benieuwd naar hoe zij wonen en het speelgoed waar zij mee spelen. Zodoende fietst mijn moeder elke dag van de ene naar de andere kant van het dorp om mij op te halen.

Na de kerstvakantie gooi ik het volslagen onverwacht over een andere boeg. In de ochtend lig ik huilend voor de kledingkast. Ik wil me niet aankleden want ik wil niet naar school. Na school kruip ik gezellig bij mijn broertjes en zusje in de bakfiets. Mijn moeder informeert naar eventuele speelafspraken. Nu, die heb ik niet. Ik kan zelfs niet wachten tot ik weer thuis ben. Mijn ouders staan voor een compleet raadsel. Toch laten ze hun hoofd niet hangen. Het komt vast wel goed. Ooit.

Mijn moeder werkt ondertussen iedere avond met Pim aan zijn taalvaardigheid. Met interesse volg ik zijn vorderingen. Ik zelf ben namelijk helemaal klaar met liedjes zingen, puzzeltjes maken en in de bouwhoek spelen. Ik wil ook graag leren lezen en schrijven. Mijn moeder oefent met mij de letters van het alfabet. Uit de bibliotheek neemt ze boekjes mee om samen te lezen. Ik ben razend enthousiast en werk me elke avond in het zweet. Eindelijk leer ik iets nuttigs.

De juf heeft inmiddels in de gaten dat ik voor lig op mijn klasgenootjes. Ze geeft mij extra rekentaken en taaloefeningen. terwijl de rest zich vermaakt met sport en spel. Dit is