Als klein mannetje ben ik vaak de klos; mijn broer pakt zomaar speelgoed uit mijn handen of leidt mij af zodat hij het achter mijn rug kan inpikken. Ook op de peuterspeelzaal is het opletten geblazen. Er zijn namelijk bepaalde, vaak oudere, jongetjes die het altijd op mijn lievelingsspeelgoed gemunt hebben. Mijn moeder heb ik al ingelicht welke boefjes dat precies zijn. Ik weet dus dat spullen afpakken van een ander, uit den boze is. Geshockeerd ben ik dan ook als mijn moeder ’s ochtends in papa zijn trui aan mijn bed verschijnt. Ik tuit mijn lippen en laat een afkeurend ” ohhhh” horen. “Jij shirt van papa afgepakt”, roep ik haar boos toe en wijs onheilspellend met mijn vingertje.