126

Mijn vader werkt sinds kort niet meer bij dé bank. Al een aantal jaren probeert hij de bv Everts van de grond te krijgen. Met dit vrijwillig ontslag heeft hij hiertoe meer tijd gekregen. Voor ons is het wel gezellig dat mijn vader thuis is. Nu kunnen we gezamenlijk lunchen en ’s avonds staat ons prakje iets eerder op tafel. Na een aantal weken is het geen rozengeur en maneschijn meer. Het is mooi weer en Bas en ik spelen buiten. We lachen veel maar maken ook veel ruzie. Mijn vader houdt het niet meer uit. Uit wanhoop huurt hij een kantoorruimte aan het stationsplein. Dat bevalt hem beter. s’ Ochtends vertrekt hij nu als vanouds naar zijn werk. ” Gaat papa naar 126?”, vraag ik mijn moeder als mijn vader de deur uitloopt. Ze begrijpt het niet helemaal. ” Daar woont hij toch?”, verduidelijk ik.